Zo erg is het niet dat Rob Jetten AI gebruikt voor zijn Insta-posts

De Volkskrant opende gisteren groots op de voorpagina met een onderzoek naar het vermeende AI-gebruik van premier Rob Jetten op Instagram. Volgens de AI-detectie-tool Pangram zijn meerdere posts van zijn posts met behulp van AI geschreven, en is het aandeel daarvan toegenomen na de val van het Kabinet Schoof.

Dit artikel leidde tot meerdere discussies, gecentreerd rondom een lastig uitwarbare kluwen van vragen. Een groot deel van die discussies is terecht, maar een deel ook niet. Deze post gaat over het onterechte deel.

"Het is een drieslag, dus het is AI"

Één lastig punt is de discussie over de methodologie en de externe validiteit van de detectietool, plus de uitleg van de publieke bevindingen die de Volkskrant kiest om weer te geven. Dat zit zo: de meeste voorbeelden die De Volkskrant kiest om te laten zien wat Pangram detecteert, zijn voorbeelden van wat in de retorica al 2500 jaar bekend staat als 'tropen'. Vergeet dat woord gelijk, maar onthoud waar het voor staat: het zijn grammaticale trucjes om ritme in een zin te brengen. Afhankelijk van wie je volgt zijn er meestal drie hoofdcategorieën van tropen, met duizenden subvariaties daaronder:

  • De drieslag
  • Het contrast
  • De nadrukkelijke pauze

Ikzelf heb decennia sprekers en schrijvers (in de wetenschap, communicatie, en politiek en bestuur) getraind in overtuigende communicatie, en dit is zo ongeveer hoe ik ze al die tijd in mijn lesmateriaal heb weergegeven. Maar ik heb ze niet van mezelf: de klassieke auteurs, zoals Aristoteles, Cicero, Quintillianus en vele anderen, onderwezen ze ook. En ze onderwezen deze techniek omdat ze effectief zijn: herschrijf je zinnen met tropen, en ze klinken gewoon lekkerder. Waarom klinken ze lekkerder? Wetenschappers hebben daar verschillende theorieën over. Het zou bijvoorbeeld kunnen zijn omdat ze helpen bij de informatieverwerking. Sociologieprofessor Max Atkinson lanceerde in de jaren tachtig van de vorige eeuw een andere theorie: deze zinsconstructies helpen sprekers bij het coördineren van applaus met het publiek.

Het is een probleem dat De Volkskrant in het overgrote deel de tropen gebruikt als voorbeeld, omdat ze hiermee bij de lezer de indruk werken alsof elke gebruikte trope een bewijs is voor AI-gebruik. Misschien dat De Volkskrant het niet zo bedoelt, maar die gedachte is snel gemaakt, omdat het AI-model Pangram en het bedrijf erachter, zelf niet aangeeft wat hun methode is om te concluderen dat iets 'met behulp van AI' gemaakt is. Zoals hoogleraar Verberne in het artikel zelf al stelt: 'Pangram is als detectiemidel betrouwbaar, maar we weten niet precies op welke kenmerken het zich baseert'. Ik wil het in de verre toekomst nog hebben over de betrouwbaarheid van AI-detectiemodellen, maar vandaag eerst: die kenmerken.

We weten nu als lezer dus niet op welke kenmerken Pangram vaart. Het enige dat we zien zijn de voorbeelden, en de voorbeelden bevatten grotendeels allemaal de hierbovenbeschreven 'tropen'. Dat maakt de gedachte dat Pangram zich dus baseert op het gebruik van tropen als één van de indicatoren, des te waarschijnlijker. Maar tropen gebruiken als indicator introduceert een onoverkomelijk methodologisch probleem voor AI-detectietools, want: het is inderdaad zo dat een generatieve AI-chatbot deze tropen meer verwerkt in een tekst. Maar waarom doet een AI-chatbot dat? Omdat zo'n chatbot deze tropen als statistische patronen heeft 'geleerd' in een onnavolgbaar grote hoeveelheid door mensen gemaakte teksten. Maar waarom zitten die statistische patronen dan in dat gigantische corpus? Aha: omdat mensen zelf al sinds de uitvinding van het schrift telkens weer herontdekken dat die technieken en tekst begrijpelijker en overtuigender maken.

De vraag is dan wat je menselijke oordeel moet zijn wanneer het AI-model van Pangram vindt dat een Instagram-post is geschreven met hulp van AI. Als het gebruik van de tropen de belangrijkste indicator is, dan betekent 'met hulp van' letterlijk helemaal niks anders dan dat een AI-tool die tekst geredigeerd heeft. En dat was ook voor de komst van AI-chatbots gewoon een staande praktijk: één van de manieren waarop een speech van een bewindspersoon, belangrijke CEO of andere publieke leider tot stand kan komen, is dat deze wordt geschreven door de spreker zelf, en vervolgens wordt geredigeerd door de relevante specialist bij de communicatie-afdeling. Zo'n specialist wijzigt de inhoud achter zo'n tekst meestal niet, maar voegt een eigen palet aan tropen toe om de tekst begrijpelijker en overtuigender te maken.

Als dit ook de manier is waarop de premier AI gebruikt heeft, wat is dan het probeem? Of preciezer gevraagd: waar heeft de Volkskrant de premier dan precies op betrapt? Met alleen maar de voorbeelden die De Volkskrant van de verder gesloten AI-detectietool Pangram, kunnen we alleen maar concluderen: de premier is sinds 2025 vaker een AI-chatbot gaan gebruiken voor advies over per definitie betekenisloze grammaticale redactie om zijn teksten leesbaarder en overtuigender te maken, waar hij daarvoor eerder leunde op een mensenlijke communicatiespecialist. Lees die voorgaande zin even goed door en vraag je af: wat is hier nu precies het morele probleem, en is dat groot genoeg om de ophef te rechtvaardigen?

"Sprekers verliezen aan authenticiteit"

Maar misschien zit een deel van de ophef omtrent deze 'vondst' van de Volkskrant juist ook wel in de suggestie van het weghalen van het menselijke aspect. Wanneer de premier iets schrijft over bijvoorbeeld Westerbork, en wij lezen dat dan op Instagram, dan nemen wij aan dat er onderliggend een daadwerkelijk, authentiek gevoel aan ten grondslag ligt bij de spreker. En onze indruk van dat authentieke gevoel bij de spreker, is wat ons als lezers/kijkers van zo'n bericht, treft: we voelen met de spreker mee over het onderwerp waar deze op dit moment over schrijft.

Maar een voor de hand liggende vraag is dan: waarom zou enkel het gebruik van een AI-chatbot als redacteur in deze hele keten, de indruk van authenticiteit ondergraven? Simpeler gezegd: wordt de diepe, ontzagwekkende droefenis die Rob Jetten als mens, los van zijn publieke rol als premier, voelde bij het doorvoerkamp Westerbork ook maar enigszins minder omdat hij zijn woorden hierover later liet redigeren door een AI-chatbot?

Het antwoord is natuurlijk 'nee'. De emotie en motivatie die iemand drijft om iets te willen zeggen of schrijven, blijft gewoon hetzelfde. Sterker nog: in de afgelopen jaren heb ik gezien dat redactie door een AI-chatbot mensen juist helpt bij het dichter bij hun eigen emoties en motivaties te blijven. Ik realiseerde me dat kort na de lancering van ChatGPT: een cursusdeelnemer bekende enigszins schromelijk dat deze een condoleance had geschreven met hulp van ChatGPT. Mijn eerste reactie was precies de reactie die mensen nu hebben op het Volkskrant-artikel: 'Maar dat kan toch niet? Het gaat toch om wat je voelt, niet om wat je zegt?'

Maar die cursusdeelnemer herformuleerde dit cliché, en zette het daarmee in een ander daglicht: het ging hen vooral om wat je doet met woorden, niet om hoe je het precies opschrijft. Maar juist bij de poging tot precies opschrijven, liep deze persoon vast. Omdat deze gewoonweg minder taalvaardig was, kon deze geen uitdrukking geven aan wat deze voelde, en bleef dus steken bij het daadwerkelijk de pen op het papier krijgen om een passende zin op te schrijven. En daardoor kon deze persoon niet doen wat deze wilde: een troostend, steunend gebaar geven met een condoleance-bericht. Die persoon dacht uiteindelijk: wat is een betere condoleance, geen bericht, een belabberd vermangeld, maar zelfgeschreven bericht of een leesbaar bericht met AI-geschreven?

Waarom dit relevant is voor het Volkskrant-artikel: de Volkskrant draagt hiermee bij aan de ontwikkeling van een nieuwe standaard-drogreden. Naast de 'erna, dus erdoor', en de 'tegelijkertijd, dus erdoor' zou ik die graag de AI-drogreden willen noemen: 'ermee, dus nee'. Dit is de overhaaste generalisatie dat wanneer een tekst is geschreven met hulp van AI, dat dit per definitie betekent dat de menselijke auteur erachter niet authentiek is.

"Juist van iemand in een publieke functie verwacht je meer"

Een criticus kan terecht opmerken dat er natuurlijk een groot verschil zit tussen een willekeurig privé-persoon die wellicht helemaal niet zo taalvaardig hoeft te zijn, versus een persoon in een publieke rol, waarbij taalvaardigheid ook nog eens een absolute vereiste is voor die rol. Maar dat onderscheid introduceert twee met elkaar verbonden vervolgvragen: ten eerste, waarom zou taalvaardigheid een absolute vereiste moeten zijn voor die rol, en ten tweede, is AI-gebruik dan weer zo kwalijk bij het invullen van die publieke rol?

De gedachte dat taalvaardigheid een vereiste is voor een publieke rol, is funest voor onze democratie. Want wat dit betekent is dat mensen die toevallig minder taalvaardig, of anders taalvaardig zijn dan zoals de media en de andere politiek-bestuurlijke spelers dat verwachten, gewoonweg minder toegang hebben tot een ambt dat per definitie voor iedereen gelijk toegankelijk zou moeten zijn. Dit klinkt abstract, maar denk eens aan het voorbeeld van minister van Wonen, Wijken en Integratie, Ella Vogelaar. Zij was een sociaal bevlogen bestuurder die uiteindelijk onderuit is gegaan als minister, vooral omdat ze niet goed om wist te gaan met overval-technieken van Rutger van Geenstijl. Ze miste communicatievaardigheden: haar werd wolligheid verweten, en een gebrek aan charmant om kunnen gaan met typische Gonzo-journalistieke zuigvragen. Maar sinds wanneer behoren dat soort communicatievaardigheden tot de essentie van goed ministerschap? Wordt het landsbestuur daar toegankelijker van?

In de praktijk hebben we die vraag al lang beantwoord: nee, dit soort communicatievaardigheden is geen eerste vereiste. En ja, als we dit wel als eis gaan stellen, dan wordt ons landsbestuur ontoegankgelijker: een politicus die tijd en talent steekt in het ontwikkelen van het soort mediagenieke, hypercommunicatieve competenties dat bijvoorbeeld reageren op Geenstijl of tegenwoordig Left Laser vraagt, heeft geen tijd in het worden van een dossiervreter of iets anders. En dat is precies waarom we bijvoorbeeld sinds jaar en dag in Nederland al een hele ring van communicatie-specialisten hebben rondom onze bewindspersonen. In het Haagse binnenwereldje worden die wel eens 'de bontkraag' genoemd: een heel team aan woordvoerders, persvoorlichters, speechschrijvers en nog meer.

En zo'n team is de grote democratische gelijkmaker: een bewindspersoon dat het talent heeft om soepel om te kunnen gaan met de voorspelbare technieken van 'de media', kan het zich veroorloven om er minder op te leunen. Terwijl de houterige, schutterende, introverte dossiertijger van een minister hier juist ontzettend veel steun en hulp aan kan ontlenen. Het enige wat de premier heeft gedaan, is aan dat team een nieuw soort medewerker toevoegen: de AI-chatbot.

En dat roept dan de eerder aangekondigde tweede vraag op: wat is hier het probleem, dat er bij het communicatieteam ook een AI-chatbot bij is gevoegd? Is dat omdat je wil dat de overheid wel een 'menselijk gezicht' moet blijven houden? Maar waarom precies? Vanuit de politieke filosofie bekeken is het bijzondere juist dat 'de overheid' sowieso een kunstmatig persoon is. De ambtenaar die de bitterkoude aanmaningsbrieven naar de toeslagenouders stuurde, deed dat niet uit zichzelf: die deed dat namens de politieke en juridische fictieve persoon die we soms liefkozend, soms haatdragend 'de staat' noemen. Waar staat dat de berichten van die fictieve persoon per se geschreven moeten zijn door een daadwerkelijk mens van vlees en bloed?

Nu zijn die brieven in het Toeslagenschandaal daadwerkelijk geschreven door menselijke medewerkers van de Belastingdienst. Desondanks waren die brieven verschrikkelijk. Maar dat was niet vanwege de toon die de brief hanteerde, maar vanwege het juridische, politieke oordeel dat eruit sprak. Maar dat juridische, politieke oordeel is bij uitstek geveld door mensen: zoals Jesse Frederik in De Correspondent aantoonde was de 'held' van het Toeslagenschandaal ten lange leste ook een belangrijke auteur ervan: in 2013, in het debat na de 'Bulgarenfraude' eiste CDA-Kamerlid Omtzigt dat staatssecretaris Weekers veel, veel strenger op fraude moest controleren. Weekers antwoordde dat als de overheid dit zou gaan doen, dat de goeden onder de kwaden zouden lijden - en Omtzigt dwong Weekers op straffe van een motie van wantrouwen om het toch door te voeren.

Anno nu hebben we hier allemaal mee te maken: als we de verzekeraar bellen, krijgen we eerst te maken met een AI-chatbot. Die is ingeprogrammeerd om ons zo vriendelijk mogelijk af te poeieren: 'wat vervelend dat u hiermee te maken heeft'. Hoe vriendelijk die AI-chatbot ook klinkt, het onderliggende motief en onderliggende oordeel ligt al vast. Maar dat onderliggende oordeel wordt nog altijd door mensen gemaakt: het is de verzekeraar die beslist of ze die ene declaratie wel of niet vergoeden. En zo was het bij de Toeslagenaffaire ook het menselijke, politieke oordeel waardoor de overheid een onmenselijk gezicht heeft gekregen - niet de teksten waarmee ze dat oordeel communiceerde.

De staat: het koudste van alle koude monsters

Dit illustreert de kern van de zaak, en een nuttig onderscheid voor het verdere verloop van de discussie. Wanneer de premier AI gebruikt om een tekst te redigeren, misschien zelfs iets te genereren, is er niet zoveel aan de hand. Tuurlijk, dat moet wel transparant zijn. Maar wanneer de premier AI gebruikt bij zijn politieke oordeelsvorming, dan is er echt iets aan de hand. Maar waarom precies?

In Also sprach Zarathustra omschreef Nietzsche de staat als het koudste van alle koude monsters. Dat kan de staat inderdaad zijn, wanneer de staat een keihard en onmenselijk politiek oordeel over haar burgers belichaamt. Mensen kunnen dit politieke oordeel tot stand brengen. Een AI kan dit oordeel tot stand brengen. Mensen en AI kunnen dit ook samen tot stand brengen. Maar het probleem zit hem dus vooral in de inhoud van dat politieke oordeel - niet de auteur ervan.

Subscribe to Daniël Schut

Don’t miss out on the latest issues. Sign up now to get access to the library of members-only issues.
jamie@example.com
Subscribe